• slide

Steeds vaker is het de aannemer die de huurder met een helder verhaal moet overtuigen van het nut van onderhoudsmaatregelen aan zijn woning, wil hij instemmen met de werkzaamheden. Projectleider Ewout van Oordt van de afdeling Renovatie en Groot Onderhoud van Giesbers Rotterdam spreekt van een marktwerking die de opdrachtgever ontzorgt, maar waarbij het werk van een projectleider renovatie steeds meer verandert van techneut in regelaar. Van Oordt leidt momenteel zes projecten voor woningcorporaties en heeft bijna dagelijks met onderhoud in bewoonde situatie te maken.

 

Laatste troef in huurdersbemiddeling

De werkdag begint met een afspraak met een huurder van Woonpartners Midden-Holland die niet welwillend staat tegenover onderzoek naar asbesthoudende plafondplaten in zijn garage. Na vergeefse pogingen van de woningcorporatie om een afspraak te maken, wordt er een beroep gedaan op de projectleider: “Nu word ik ingezet als laatste troef.“ Bovendien heeft Van Oordt ervaring met RGS (Resultaatgerichte Samenwerking) projecten, waarbij opdrachtgevers en aannemers nauw samenwerken bij het opstellen van een renovatieplan. Ervaring die door de woningcorporatie gevraagd werd. Van Oordt: “Vroeger zei de opdrachtgever precies wat je moest doen en had je bestektekeningen, nu vraagt hij wat wij voor hem kunnen betekenen en of wij willen meedenken over een plan van aanpak. En daar komt ook steeds vaker bewonersbemiddeling bij kijken.” Halverwege de rit komt er een telefoontje, de huurder in Gouda heeft de afspraak zojuist afgezegd. Dan naar de volgende afspraak in Zevenhuizen, een vergadering over bewonerszaken met de woningcorporatie.


Huurders kritischer

Ewout van Oordt reist vier dagen per week van afspraak naar afspraak, één dag werkt hij op kantoor in Rotterdam. Huurdersbemiddeling wordt volgens hem ook steeds vaker onderdeel van zijn werk omdat de huurder kritischer wordt. “Neem bijvoorbeeld het scala aan energetische maatregelen. Dat is dermate veelomvattend en complex geworden dat aan de huurders moet worden voorgerekend dat de ingreep ook voor hen voordelen biedt, willen zij instemmen met de huurverhoging. En dan komt al snel de nieuwe energierekening in beeld. Aan de hand van de ingrepen kan ik die voor ze uitrekenen.” Zeker nu de bouwsector op volle toeren draait sinds woningcorporaties hebben afgesproken om in 2021 een gemiddeld energielabel B van hun woningvoorraad te behalen en deze in 2050 CO2-neutraal te hebben gemaakt, wordt Van Oordt steeds vaker ingeschakeld om met huurders in gesprek te gaan. “Ik ben op zo’n moment dan wel zijdelings technisch bezig, maar eigenlijk zit ik wéér in overleg. Het is de huidige markt die dit takenpakket erbij biedt.”


Beroep in verandering

Na de bewonersvergadering wordt de reis voortgezet naar twee opstartende projecten in Den Haag. Onderweg worden er weer telefoontjes gepleegd. Een werkvoorbereider wil weten wat de planning is van de wisselwoningen in Pendrecht en een constructeur belt met de vraag waar gaten geboord moeten worden in een hoofddraagconstructie, er wordt een extra vergadering met Eneco ingepland. “Zo zie je dat ik de hele dag aan het regelen ben, mijn beroep is in verandering. Maar vaak móet er ook iemand bij zitten die beslissingsbevoegd is als het bijvoorbeeld gaat over meer- en minderwerk, facturatie en het doorhakken van knopen. Maar ik ben de pragmaat in het kwadraat: beslissen, geen moeilijkheden opzoeken. Iedereen heeft wel een probleem, je kunt elke deurmat vervangen.”